• Bierstad Weesp

    Als Weesper bierbrouwerij voelen we ons verbonden met de stad en haar geschiedenis. De Vechtstad is gebouwd op genot: bier, jenever, sigaren en chocolade. Deze genotmiddelen hebben Weesp groot gemaakt. Het begon bij de eerste brouwerijen, of eigenlijk bij het schone water van de Vecht.

Dankzij het opvallend schone Vechtwater wordt in Weesp al sinds 1333 bier gebrouwen. Aan het einde van de middeleeuwen groeit de brouwindustrie hard in de stad, het bier raakt bekend tot ver over de landsgrenzen. Naast bier exporteert Weesp ook haar brouwersvernuft naar verschillende steden.


In de zeventiende eeuw, de hoogtijdagen van de Weesper brouwindustrie, produceren de Weespers jaarlijks zo’n 20.000 vaten bier, wat neerkomt op ongeveer 500.000 liter. Ruim dertig brouwerijen boden werk aan meer dan de helft van de inwoners van de Vechtstad. Van het bier werd tien procent door de Weespers zelf opgedronken. De rest werd verscheept binnen en buiten Nederland.


Vooral de uitvoer naar Amsterdam levert Weesp veel op. Het water in de Amstel was te vervuild om in de hoofdstad zelf bier mee te brouwen. Veel van het Weesper gerstenat ging mee aan boord van grote VOC-schepen die de wereldzeeën over vaarden.

Het bier raakt bekend tot aan het Spaanse hof. De brouwerijen in Weesp zijn bijna allemaal in handen van katholieken. Met als gevolg dat na de Vrede van Münster (1648) maar vijf brouwerijen in de stad overblijven. De laatste brouwerij in Weesp sluit in 1920 haar deuren, de in 1863 opgerichte Brouwerij De Leeuw. Deze brouwerij van twee broers was gevestigd bij de sluis, tegenover de Sint-Laurentiuskerk.


De Sint-Laurentiuskerk zelf werd op 24 augustus 1876 in gebruik genomen en gewijd aan de beschermheilige van onder andere bierbrouwers. Met een toren van ongeveer 65 meter, die wegens geldgebrek pas in 1900 werd gebouwd, is dit het hoogste gebouw van Weesp.


Na 100 jaar vestigen drie broers weer een ambachtelijke bierbrouwerij in de Vechtstad. In 2019 openen ze de Wispe Brouwerij in de Sint-Laurentiuskerk, waarmee een oude Weesper traditie in ere wordt hersteld.


Vroeger



Vlaamsche Doctor

Dat Weesp een lange traditie kent op het gebied van het brouwen van bier blijkt onder andere uit een handboek uit 1770 - De Koopman: of bydragen ten opbouw van Neerlands koophandel en zeevaart -. Hierin staat beschreven dat Menso van Wesepe, een van oorsprong Vlaming, al in 1333 een bijzondere bierbrouwerij heeft in Weesp. Zijn bier werd verscheept naar tal van plaatsen in de Lage Landen en had de reputatie zieken te genezen. Aan het kruidige bier werden namelijk geneeskrachtige eigenschappen toegedicht. Het bier was vooral bijzonder geliefd in de stad Leiden.

Lofzang op bier

Met het zuivere water uit de Vecht en het graan van de omringende weilanden werd het destijds landelijk bekende Weesper bier gebrouwen. Vanaf de veertiende eeuw zorgden de bierbrouwerijen en later de jeneverstokerijen in Weesp voor grote perioden van welvaart en bloei. De rijke en vaak ook landelijk beroemde brouwersfamilies woonden in de grootste huizen van de stad. De handel langs dit stuk van de Vecht stond in het teken van bier. Het oudst bekende gedicht over Weesp is een lofzang op dit roemrijke verleden.


Deez’ stad draagt roem op smaak’lijk bier,

En eene scheikunst, die de krachten

Behendig uit het koren haalt:

Een morgendrank, daar veel’ naar trachten.

De Hooiberg

De kiem voor een van de grootste bierbrouwerijen ter wereld is gelegd door een Weesper. Het was namelijk de moutmaker Jan Thymansz uit Weesp die in 1585 de sprong waagde naar Amsterdam. Hij wilde in deze snel groeiende stad de toen zestien brouwerijen gaan voorzien van mout en zo proberen een bestaan op te bouwen. Hij vestigde er zijn mouterij De Hooischuur. Niet veel later werd begonnen met het zelf brouwen van bier. En met succes, bierbrouwerij De Hooiberg groeit uit tot de grootste bierfabrikant van Amsterdam. In 1864 wordt de brouwerij opgekocht door de toen 22-jarige Gerard Heineken, die het omdoopt tot Heineken & Co. Tegenwoordig is Heineken de op een na grootste bierbrouwerij in de wereld.

Gebouwd op genot

Weesp is gebouwd op genot. Het zijn immers genotmiddelen die het stadje groot hebben gemaakt. Onder de invloed van bier en jenever, sigaren, brandewijn en chocolade heeft deze parel aan de Vecht haar glans gevonden.


Tussen 1772 en 1776 werd het stadhuis in Weesp gebouwd. Het gebouw aan het Grote Plein is betaald met accijnzen en belasting, geheven op bier en jenever. De Weespers hadden zo hun eigen stadhuis als het ware bij elkaar gedronken. De rijkste bierbrouwers en jeneverstokers zaten in het stadsbestuur van de gemeente. Als je goed kijkt in de burgemeesterskamer zie je dat de meeste op schilderijen vereeuwigde voorgangers van de huidige burgervader een wat rode neus hebben, wat het idee geeft dat ze continu op de hoogte waren of hun handelswaar van goede kwaliteit was.

Herengracht 16

Voordat de Sint-Laurentiuskerk werd gebouwd stond op de Herengracht 16 in Weesp een prachtige jeneverstokerij van Jean d'Arrest, gebouwd in de zeventiende eeuw. In 1793 werd de leegstaande stokerij aangekocht door de katholieken in Weesp en verbouwd tot kerk. In die tijd mocht de kerk aan de buitenkant nog geen katholiek uiterlijk hebben. Pas in 1876 verrees op deze plek de huidige Sint-Laurentiuskerk, waarvan de naamgever de patroonheilige is van onder andere bierbrouwers. In 2014 verliet de parochie de kerk en moest er een nieuwe bestemming voor het gebouw worden gevonden. Waar eerst op deze plek een jeneverstokerij stond die werd verbouwd tot kerk, is nu de kerk weer verbouwd tot bierbrouwerij met jeneverstokerij.